Soms
af en toe
word ik overvallen door een gevoel
een gewaarwording, zeg maar
van absolute nutteloosheid
de koude in de straatlampen
en dofheid in onverschillige ogen
Seconden lijken dode dagen
gehuld in geschreeuwd gefluister
tot een brei van onvervuld verlangen
onze geest versmacht en
vertraagd verkleinen wij
en kwijnen wij
en zullen wij
doelloosheid
omarmen
soms
af en toe
leef
Nu.