The skyline was beautiful on fire
                     All twisted metal stretching upwards
                     Everything washed in a thin orange haze

                     I said, "Kiss me, you're beautiful -
                    These are truly the last days"

                     You grabbed my hand
                     And we fell into it
                     Like a daydream
                    Or a fever 


                                    - GYBE
             First photograph ever of a human being.
                         - Louis Daguerre

                          We lost the skyline
                                We stepped right off the map
                           Drifted in to blank space
                                And let the clocks relapse
“Because to influence a person is to give him one's own soul. He does not think his natural thoughts, or burn with his natural passions. His virtues are not real to him. His sins, if there are such things as sins, are borrowed. He becomes an echo of someone else's music, an actor of a part that has not been written for him. The aim of life is self-development. To realize one's nature perfectly—that is what each of us is here for. People are afraid of themselves, nowadays. They have forgotten the highest of all duties, the duty that one owes to one's self. Of course they are charitable. They feed the hungry, and clothe the beggar. But their own souls starve, and are naked. Courage has gone out of our race. Perhaps we never really had it. The terror of society, which is the basis of morals, the terror of God, which is the secret of religion—these are the two things that govern us.

And yet, I believe that if one man were to live out his life fully and completely, were to give form to every feeling, expression to every thought, reality to every dream—I believe that the world would gain such a fresh impulse of joy that we would forget all the maladies of medievalism, and return to the Hellenic ideal—to something finer, richer, than the Hellenic ideal, it may be. But the bravest man amongst us is afraid of himself. The mutilation of the savage has its tragic survival in the self-denial that mars our lives. We are punished for our refusals. Every impulse that we strive to strangle broods in the mind, and poisons us. The body sins once, and has done with its sin, for action is a mode of purification. Nothing remains then but the recollection of a pleasure, or the luxury of a regret. The only way to get rid of a temptation is to yield to it. Resist it, and your soul grows sick with longing for the things it has forbidden to itself, with desire for what its monstrous laws have made monstrous and unlawful. It has been said that the great events of the world take place in the brain. It is in the brain, and the brain only, that the great sins of the world take place also.”
― Oscar Wilde, The Picture Of Dorian Gray
                                            The Perks Of Being a Wallflower
                                           bliep bliep, blop...bliep bliep blop
                                                    meester

nachten zonder slaap

Wat woedt en wenkt er dezer dagen doorheen ’t stad,
lippen, dronken van hebzucht, vleiend in het feestgewoel,
een grote portie spijt en een paar momenten liefgehad.

ongetemd roofdier, vraag ik, welk hoger magisch  gevoel
brengt u uw zwoegende zweetklier, of uw pijnlijke kaakspier?
’t schudt het hoofd en deed ofschoon ‘t geen antwoord bezat.

kijk eens, ’t weet niet wat ’t wil, het ocharme ding, hopeloos,
in de warreboel; ’t had niet door dat er ergens iemand was,
een verliefde idioot, die nog maalde om idyllische trouwfoto’s.

Chinese water torture


drup

drup

Hier zit ik dan, in mijn kille grijze cel. Regen tikt zachtjes op de ruit, glijdt naar beneden en vormt kleine meertjes om in te verdrinken. De nacht wenkt een vaag rokerig bestaan in een donker rumoerig cafeetje om de hoek. Maar het nachtgedruis kan het geruis in mijn hoofd maar zo lang overstemmen tot de overstroming. Elk druppeltje is een kaakslag die mij vloert en neerlegt, starend naar een vloer die dolfijnen en kakkerlakken projecteert op mijn netvlies, en ik weet niet wie ik ben. Tergend wil ik omhoog kruipen maar mijn handen zijn niet meer van mij. Tot die van jou… Jouw handen zijn warm en je legt hen zachtjes neer op mijn naakte koude bezwete rug.
Maar ik kan me niet omdraaien.

drup

drup

drup.

There There

KIJK naar ons
Een over-v l o e d aan oogleden zegt niets
niets dan ge -form-atteerde data
in een netjes genummerd doosje
de raders van de machine draaien en draaaien en draaaaien
geZOEM en geBLIEP en geTRIL
           De hartslag is bedolven
en de wielen van de tijd keren angstig
en de wielen van de auto’s draaien lustig
en de klok slaat steeds sneller en harder
               VERPLETTEREND
gereduceerd/tot/een/aanslag/die/staat/te/gebeuren
                                     Wij.

geen enkel radertje keert tegen de klok in
    ze draaien   en    draaaien       en           draaaaien
tot ze         uiteindelijk                      eeuwig       
        zullen                      stil                                 staan.      

De raaf zit onrustig op de schoorsteen en nog zwarter dan zwart
proclameert hij het einde.
Waar is iémand?

Gij


Ge zijt de rare vormpjes die ik zie als ik te lang in het licht kijk
Ge zijt de gelukzalige pijn die ik voel als ik mij uitrek
Gij zijt het gezoem in mijn oren
  Gij zijt alles wat ik kan horen

Gij zijt de wind door de haartjes op mijn been
 De hand door mijn vettige haren
die een tinteling tot beneden teweeg brengt
 mijn alles en niks
 mijn wijn met meer wijn aangelengd

Gij zijt de de climax van mijn favoriete nummer
mijn pianonoot, mijn onaangeroerde gitaar
 Ik wil dat gij mij bespeelt, gebruikt en besteelt
mijn lusteloos leven spant als uw strakste snaar

Gij zijt mijn hardnekkige hoest
 Gij zijt mijn verstopte neus en mijn gepijnigd hoofd
 Gij, gij zijt het vuil onder mijn nagels
mijn reden voor opname in het gesticht

maar ook de glimlach op mijn glimlachend gezicht.

Gij zijt de maniak in mijn brein
  Gij zijt mijn duistere gedachten en goddeloze dagen
 Duizend schreeuwende stemmen in mijn hoofd en alleen in uw buurt

kan ik ze verdragen

Gij zijt de kruimels van lekkers dat ik niet wil verspillen
Gij zijt de kleur in mijn ogen, mijn iris, mijn pupil, mijn ooglid
…
ik kan niet ademen tenzij gij in mijn lucht zit

ik wil u inhaleren,
domesticeren
opeten en verteren,
injecteren in mijn bloedbaan,
baan u een weg door mijn lijf
en blijf.

soms


Soms
af en toe
word ik overvallen door een gevoel
een gewaarwording, zeg maar
van absolute nutteloosheid
de koude in de straatlampen
en dofheid in onverschillige ogen
Seconden lijken dode dagen
 gehuld in geschreeuwd gefluister
 tot een brei van onvervuld verlangen
 onze geest versmacht en
 vertraagd verkleinen wij
 en kwijnen wij
 en zullen wij
 doelloosheid
omarmen
soms
af en toe

leef
Nu.

Foto

De tijd staat stil.
Ik wou dat ik mijn
twee handen kon
uitstrekken en dit
moment vangen
grijpen en gevangen
houden als een
vlinder die net
ontwaakt uit zijn
winterslaap
en
dit onvoor-
stelbaar klein
ogenblik in het
relaas van mijn
doelloos bestaan
inkapselen in mijn
hart en gedachten
en eeuwig
herbekijken
en
die ene
betekenisloze
seconde herbeleven
tot alles langzaam
vervaagt en over-
vloeit in een
nietszeggende
zwart-witte
massa
en
die pulp
zou ik dan
zachtjes laten
intrekken in het
zwartst van mijn
ogen
tot ik
zalig
sterf.
De tijd staat stil.