nachten zonder slaap
Wat woedt en wenkt er dezer dagen doorheen ’t stad,
lippen, dronken van hebzucht, vleiend in het feestgewoel,
een grote portie spijt en een paar momenten liefgehad.
ongetemd roofdier, vraag ik, welk hoger magisch gevoel
brengt u uw zwoegende zweetklier, of uw pijnlijke kaakspier?
’t schudt het hoofd en deed ofschoon ‘t geen antwoord bezat.
kijk eens, ’t weet niet wat ’t wil, het ocharme ding, hopeloos,
in de warreboel; ’t had niet door dat er ergens iemand was,
een verliefde idioot, die nog maalde om idyllische trouwfoto’s.
Chinese water torture
drup
drup
Hier zit ik dan, in mijn kille grijze cel. Regen tikt zachtjes op de ruit, glijdt naar beneden en vormt kleine meertjes om in te verdrinken. De nacht wenkt een vaag rokerig bestaan in een donker rumoerig cafeetje om de hoek. Maar het nachtgedruis kan het geruis in mijn hoofd maar zo lang overstemmen tot de overstroming. Elk druppeltje is een kaakslag die mij vloert en neerlegt, starend naar een vloer die dolfijnen en kakkerlakken projecteert op mijn netvlies, en ik weet niet wie ik ben. Tergend wil ik omhoog kruipen maar mijn handen zijn niet meer van mij. Tot die van jou… Jouw handen zijn warm en je legt hen zachtjes neer op mijn naakte koude bezwete rug.
Maar ik kan me niet omdraaien.
drup
drup
drup.
There There
KIJK naar ons
Een over-v l o e d aan oogleden zegt niets
niets dan ge -form-atteerde data
in een netjes genummerd doosje
de raders van de machine draaien en draaaien en draaaaien
geZOEM en geBLIEP en geTRIL
De hartslag is bedolven
en de wielen van de tijd keren angstig
en de wielen van de auto’s draaien lustig
en de klok slaat steeds sneller en harder
VERPLETTEREND
gereduceerd/tot/een/aanslag/die/staat/te/gebeuren
Wij.
geen enkel radertje keert tegen de klok in
ze draaien en draaaien en draaaaien
tot ze uiteindelijk eeuwig
zullen stil staan.
De raaf zit onrustig op de schoorsteen en nog zwarter dan zwart
proclameert hij het einde.
Waar is iémand?
Gij
Ge zijt de rare vormpjes die ik zie als ik te lang in het licht kijk
Ge zijt de gelukzalige pijn die ik voel als ik mij uitrek
Gij zijt het gezoem in mijn oren
Ge zijt de gelukzalige pijn die ik voel als ik mij uitrek
Gij zijt het gezoem in mijn oren
Gij zijt alles wat ik kan horen
Gij zijt de wind door de haartjes op mijn been
De hand door mijn vettige haren
die een tinteling tot beneden teweeg brengt
mijn alles en niks
mijn wijn met meer wijn aangelengd
De hand door mijn vettige haren
die een tinteling tot beneden teweeg brengt
mijn alles en niks
mijn wijn met meer wijn aangelengd
Gij zijt de de climax van mijn favoriete nummer
mijn pianonoot, mijn onaangeroerde gitaar
Ik wil dat gij mij bespeelt, gebruikt en besteelt
mijn lusteloos leven spant als uw strakste snaar
mijn pianonoot, mijn onaangeroerde gitaar
Ik wil dat gij mij bespeelt, gebruikt en besteelt
mijn lusteloos leven spant als uw strakste snaar
Gij zijt mijn hardnekkige hoest
Gij zijt mijn verstopte neus en mijn gepijnigd hoofd
Gij, gij zijt het vuil onder mijn nagels
mijn reden voor opname in het gesticht
Gij zijt mijn verstopte neus en mijn gepijnigd hoofd
Gij, gij zijt het vuil onder mijn nagels
mijn reden voor opname in het gesticht
maar ook de glimlach op mijn glimlachend gezicht.
Gij zijt de maniak in mijn brein
Gij zijt mijn duistere gedachten en goddeloze dagen
Duizend schreeuwende stemmen in mijn hoofd en alleen in uw buurt
Gij zijt mijn duistere gedachten en goddeloze dagen
Duizend schreeuwende stemmen in mijn hoofd en alleen in uw buurt
kan ik ze verdragen
Gij zijt de kruimels van lekkers dat ik niet wil verspillen
Gij zijt de kleur in mijn ogen, mijn iris, mijn pupil, mijn ooglid
Gij zijt de kleur in mijn ogen, mijn iris, mijn pupil, mijn ooglid
…
ik kan niet ademen tenzij gij in mijn lucht zit
ik wil u inhaleren,
domesticeren
opeten en verteren,
injecteren in mijn bloedbaan,
baan u een weg door mijn lijf
en blijf.
ik wil u inhaleren,
domesticeren
opeten en verteren,
injecteren in mijn bloedbaan,
baan u een weg door mijn lijf
en blijf.
soms
Soms
af en toe
word ik overvallen door een gevoel
een gewaarwording, zeg maar
van absolute nutteloosheid
de koude in de straatlampen
en dofheid in onverschillige ogen
Seconden lijken dode dagen
gehuld in geschreeuwd gefluister
tot een brei van onvervuld verlangen
onze geest versmacht en
vertraagd verkleinen wij
en kwijnen wij
en zullen wij
doelloosheid
omarmen
soms
af en toe
leef
Nu.
Foto
De tijd staat stil.
Ik wou dat ik mijn
twee handen kon
uitstrekken en dit
moment vangen
grijpen en gevangen
houden als een
vlinder die net
ontwaakt uit zijn
winterslaap
en
en
dit onvoor-
stelbaar klein
ogenblik in het
relaas van mijn
doelloos bestaan
inkapselen in mijn
hart en gedachten
en eeuwig
herbekijken
en
en
die ene
betekenisloze
seconde herbeleven
tot alles langzaam
vervaagt en over-
vloeit in een
nietszeggende
zwart-witte
massa
en
die pulp
en
die pulp
zou ik dan
zachtjes laten
intrekken in het
zwartst van mijn
ogen
tot ik
zalig
sterf.
De tijd staat stil.
Sterren
Sterrenkijken bij een sterrenloze nacht
Op het dak van jouw wereld
onder een dak van wolken
waren wij gelegen
lagen wij te staren naar lichten
die niet schenen
Koude handen en warme gezichten
Onsterfelijk.
Mijn voeten hingen over de rand
en zweefden boven de ongenadige aarde
en daagden schertsend de afgrond uit
iets te ondernemen
en
uiteindelijk
Hing alles aan een zijden draadje
Vooral de smaak van lichte lippen
vleiend in het donker.
snakkend naar éénavond van goud.
“Troostprijs.”, fluisterde je, achteraan mijn hals.
En mijn ogen
begraven in je schouder
zeiden minder dan woorden
Zeiden niets.
En de atmosfeer
werd net dat beetje meer
Koud.
Abonneren op:
Posts (Atom)

